14-12-13

De eerste alinea (18)


Deze nazomer had ik het gevoel alsof ik dood was, en dat is een prettig gevoel, doodgaan is een genot. Ik ben eenenveertig, de herfst is in aantocht, en de winter ligt in het verschiet. De struiken worden bruin en grijs en liggen verdord onder de sneeuw. De afstand tussen mij en mijn patiënten wordt kleiner. Ik ga hier spoedig weg. (Dagboeknotitie van Kofler, afdelingsarts in de Psychiatrische Rijkskliniek Lohberg.)

Heinar Kipphardt, März. Vertaling uit het Duits: J.F. Vogelaar. Uitgeverij SUN, Nijmegen, 1988



Geen opmerkingen: