22-03-15

De eerste alinea (27)



'Het was tien uur in de morgen en Patrice Meursault liep met gelijkmatige pas naar de villa van Zagreus. Om deze tijd van de dag was de verpleegster naar de markt en was de villa verlaten. Het was april en een mooie sprankelende voorjaarsochtend, koud maar met een strakblauwe lucht en een grote stralende zon die geen warmte gaf. Dicht bij de villa, tussen de pijnbomen op de heuvels, stroomde zuiver licht langs de stammen. De weg was verlaten. Hij liep een beetje omhoog. Mersault had een koffer in zijn hand en hij liep voort in het droge geknisper van zijn stappen op de koude weg en het regelmatige gepiep van het handvat van zijn koffer.'

Albert Camus, De gelukkige dood. Uitgeverij De Bezige Bij, Amsterdam 2004. Vertaling uit het Frans: Dolf Verspoor.


Geen opmerkingen: