29-08-2026

Gedicht 'Aan zee'

 

Aan zee

Het zand dat tussen vingers door zich losmaakt
uit jouw hand – weer terug vanwaar het kwam.
Samen het duinpad op. Dithyrambisch de lach

uit beider mond die aan komt duizelen, overgaat
in adem die wil fluisteren, woordentaal wordt,
in strelingen omgezet. Ogen dicht – de woelige zee

een waterbed, kantelen onze gedachten, onontdekte 
sterren in het halfduister, schuift de nacht over onze huid. 
Verlangens verspreidden zich van binnenuit.

 frb

Uit: Te midden van alles. Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2024

Geen opmerkingen: