03-02-2026

De eerste alinea

 

 

“Toen ik twaalf jaar was werd ik levend begraven op een bouwplaats.” 

 

Uit: John Boyne, Vuur. Vertaald uit het Engels door Anke Frerichs. Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2024

John Boynehttps://nl.wikipedia.org/wiki/John_Boyne

Anke Frerichsttps://www.goethe.de/ins/nl/en/bib/uak/per.cfm?personId=6657

 

31-01-2026

Sytse Jansma, 'dat dit...'

 


dat dit tot de mogelijkheden behoorde,


konden we weten toen we aan elkaar begonnen,


zonder enige moeite wonderden we het dagelijkse


omhoog, verwarmden we de smoor in onze hoofden,


wat er toen gebeurde: duizend rode draden


als warme lenteregens, drenkten de grond


achter je ogen en toen werd je meegenomen,


zo is het gegaan, zachter dan dit kan ik niet
 

Sytse Jansma
Uit: Sytse Jansma, Rozige maanvissen. Atlas Contact, Amsterdam 2024

Sytse Jansma: https://nl.wikipedia.org/wiki/Sytse_Jansma

 

27-01-2026

Aldus de schrijver

 

 

“Het gras, het grind, het hek, het asfalt. Het gras,
het grind, het hek, het asfalt.
    Het heeft nog niet gesneeuwd.
    Ik heb mijn nachtpon aan.
    Ik moet gewoon uit het raam staren, ik moet
hier gewoon blijven staan tot ze komt.
    Het gras, het grind, het hek, het asfalt.
    Ik moet blijven staan, niet knipperen. Ik heb
het koud.”

Ingvild H. Rishøi

Uit: Het verhaal over mevrouw Berg. Novellen. Vertaald uit het Noors door Liesbeth Huijer. Uitgeverij Koppernik, Amsterdam 2025

Ingvild H. Rishøihttps://en.wikipedia.org/wiki/Ingvild_H._Rishøi

Liesbeth Huijerhttps://www.liesbethhuijer.nl/over.html

 

24-01-2026

Lieke Marsman, 'Universele esthetiek'

 

 

Universele esthetiek

Steeds vaker schrik ik in de tram van mijn wekker
die afgaat op iemand anders’ mobieltje,
terwijl mijn eigenzinnigheid met mij meereist
in mijn linnen tasje, massaproduct voor een eenling.
Wat is universeel esthetiek eigenlijk méér
dan de meest succesvolle marketingcampagne?
De samenleving een lange, eensgezinde
polonaise die enkel tot halt komt
in de plaatselijke winkelstraat,
omdat men daar teveel slentert.
Nee, dan het sublieme. Dat magische mooie
dat steeds tussen je vingers vandaan glipt
en waar een beetje geesteswetenschapper
een hele carrière op kan bouwen.
Wat als het ongrijpbaar is omdat het niet bestaat?
Wat als er tussen de regels door
alleen een peilloze leegte ligt, een stilte
waarin ik probeerde een gedachte te formuleren
die dadelijk wordt volgeplempt
met hermeneutische tekstverklaring?


Uit: Lieke Marsman, In mijn mand. Uitgeverij Pluim, Amsterdam|Antwerpen 2021

Lieke Marsmanhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Lieke_Marsman

20-01-2026

Federico García Lorca, 'Klaaglied'

 

 

Klaaglied

Als een wierookvat vol verlangen
loop jij door de klaarlichte avond
met het donkere lijf van de verschaalde nardus
en een brandende begeerte in je blik.

In je mond draag je de melancholie
van dode reinheid, en in de dionysische
kelk van je buik de spin
die de steriele sluier weeft om jouw schoot
waaraan de rozen des levens,
vrucht van de kussen, nooit ontloken.

      In je witte handen
draag je de streng van je voor immer
gestorven illusies, en op je hart
de hongerige passie van hete kussen
en jouw moederliefde die wegdroomt
naar wiegjes in rustige sferen
waar lippen blauwe sprookjes spinnen.


Federico García Lorca, december 1918 
 

Vertaald uit het Spaans door Robert Lemm. Opgenomen in 'De tweede Ronde', tijdschrift voor literatuur, herfst 1986
 

Federico García Lorcahttps://nl.wikipedia.org/wiki/Federico_García_Lorca

Robert Lemmhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Robert_Lemm

 

17-01-2026

De eerste alinea

 

27 maart 2009 – 17:43

"Liefste Johanna,
Vanochtend zei Simon bij zijn eerste, veel te vroege kop koffie dat hij me allang zou hebben verlaten als hij tien jaar jonger was en drie kinderen minder had. Een merel was bij het met nacht beslagen raam gaan zitten en tikte met haar snavel tegen het glas, alsof ze ons wilde waarschuwen en intomen, ons wilde afluisteren om het nieuwtje op deze lenteochtend snel naar haar vogelwereld te brengen, van tak naar tak, van twijg naar twijg, het te verkondigen aan lijsters en vinken die ernaar zouden pikken als naar een worm, hoort, hoort, nieuws uit Körberstraße 12, hoort, hoort!”

Uit: Zsuzsa Bánk, Slapen doen we later. Vertaald uit het Duits door Irene Dirkes en Lucienne Pruijs. Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2020

Zsuzsa Bánkhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Zsuzsa_Bánk

Irene Dirkeshttps://literairvertalen.org/vertalersbestand/irene_dirkes

Lucienne Pruijs: https://literairvertalen.org/vertalersbestand/luciënne_pruijs

13-01-2026

Antonio Machado, 'Als een vergeten straathond'

 

Als een vergeten straathond
die ronddoolt zonder reukzin, zonder richting,
ja, als een kind dat op een kermisavond
tussen de fonkelende feestverlichting,

de mensenmenigte en de lucht vol stof
ontredderd rondzwerft en, eenmaal verdwaald,
voelt hoe een schaduw van muziek en droefheid
over zijn jonge hart is neergedaald,

zo ga ik voort, melancholiek en dronken,
als dichter, lunatieke gitarist
en arme ziel vol dromen,
die onverpoosd naar God zoekt in de mist.


Uit: Antonio Machado, Gedichten. Uit het Spaans vertaald door Erik Coenen.
Uitgeverij De Wilde Tomaat, Amsterdam 2020

Antonio Machadohttps://nl.wikipedia.org/wiki/Antonio_Machado_(dichter)

Erik Coenenhttps://www.bruna.nl/boeken/gedichten-9789082995978
 

10-01-2026

Aldus de schrijver

 

“Alain staarde Lydia doordringend aan. Hij keek al zo sinds ze drie dagen geleden in Parijs was aangekomen. Waar wachtte hij op? Een plotseling inzicht in haar of in hemzelf.
    Lydia keek met wijdopen ogen terug, maar zonder felheid in haar blik. Al snel wendde ze het hoofd af, sloot haar ogen en verzonk in gedachten. Waarover? Over haarzelf? Was zij dat, die zelfingenomen woede die kolkte in haar borst en buik? Het duurde maar even. Het was al voorbij.
    En dus wendde hij eveneens zijn blik af. Het gevoel was hem ontglipt, ongrijpbaar als altijd, als een slang tussen twee keien.”

Uit: Pierre Drieu La Rochelle, Dwaallicht. Vertaald uit het Frans door Marijke Arijs. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk 2024

Pierre Drieu La Rochellehttps://nl.wikipedia.org/wiki/Pierre_Drieu_la_Rochelle

Marijke Arijs: https://nl.wikipedia.org/wiki/Marijke_Arijs

06-01-2026

Gedicht 'Van verre'

 


Van verre

Tevoorschijn komen verdwaalde trossen,
purperviolet omlijst. Hoe het daarna
geurt, dunne stengels kruipen, slingeren
naar elkaar. Voor wie tegen de avond komt,

tussen plekken gele aarde zich vertreedt,
groeit meteen het raadsel. Wat men nazoekt
in de schemer, de lipbloemige, haar half
kransstandige paarsheid, veelvuldig gedeelde

bladeren, verstuift tegen de morgen.
Het wordt sluipen naar een vogelnest,
begerig de berg opgaan, hoogten naar een bos.
Naar de verste rand in grote laarzen.

Totdat het volstaat, men afstand neemt –
waar ook alweer vandaan? En afdaalt naar

de velden. Met iele witte hoorntjes, haast
doorzichtig, tast een wijngaardslak zijn route af.


 frb
 

Uit: Zoveel nabijheid. Meulenhoff, Amsterdam 2018

03-01-2026

De eerste alinea

 

 

“Geen repetitie die morgen, dus we bleven in bed liggen. Ik zette thee. We zaten rechtop met de kussens in onze rug en zochten op onze telefoons naar berichten over Mark. Ik weet niet precies waarom we die wilden lezen, dat je een beroemd iemand persoonlijk kent, maakt misschien dat je onderdeel wordt van het bericht, en als kijker wil je dat degene die het voorleest het belang ervan inziet en dat op adequate wijze weet te brengen. Het laatste onderwerp in het tv-journaal van gisteravond was ernstig van toon maar werd routineus gebracht gedurende vijfenveertig seconden door een jonge verslaggever die kennelijk niet beschikte over informatie uit de eerste hand. Het was confronterend om op die manier op de hoogte te worden gebracht van de dood van een vriend. Ik zette het geluid uit, Richard sloeg een arm om mij heen en we keken zwijgend toe toen het cricket begon en daarna het weerbericht.”

Uit: Alan Hollinghurst, Onze avonden. Vertaald uit het Engels door Ton Heuvelmans. Uitgeverij Prometheus, Amsterdam 2024

Alan Hollinghursthttps://nl.wikipedia.org/wiki/Alan_Hollinghurst

Ton Heuvelmans https://www.geboektinharen.com/event-details/een-broodje-met-ton-heuvelmans-50-jaar-literair-vertaler

30-12-2025

Judith Herzberg: 'Brieven'

 

Brieven
 
Wij wisten niet, toen wij die lange brieven schreven
op papier, dat wij de laatsten waren
die nog op die manier van elkaar hielden
met langzaam overdachte woorden
die we meenden.

 

Uit: Judith Herzberg, 111 Hopla’s. Uitgeverij De Harmonie, Amsterdam 2014

Het gedicht is opgedragen aan haar collega Ed Leeflang.

Judith Herzberg: https://nl.wikipedia.org/wiki/Judith_Herzberg

Ed Leeflanghttps://nl.wikipedia.org/wiki/Ed_Leeflang


27-12-2025

De eerste alinea

 

 

“En reeds drijft de sombere, krachtige westenwind – de zeewind, zoals Antoine zegt – de stemmen uiteen in de nacht. Even speelt hij ermee, daarna verzamelt hij ze en gooit ze weg in het wilde, grommend van woede. De stem die Mouchette zopas hoorde hangt lang tussen hemel en aarde, net als de dorre bladeren die eindeloos blijven vallen.”

Uit: Georges Bernanos
, Mouchette. Vertaald uit het Frans door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk 2025

Georges Bernanoshttps://nl.wikipedia.org/wiki/Georges_Bernanos

Katelijne De Vuysthttps://nl.wikipedia.org/wiki/Katelijne_De_Vuyst

23-12-2025

Rainer Maria Rilke, 'Liefdes-lied"

Liefdes-lied
 
Waar moet ik toch mijn ziel bewaren dat
zij niet langs de jouwe strijkt? Hoe draag ik haar
over jou heen weer naar andere dingen?
Hoe graag niet liet ik haar in iets verzinken,
bracht ik haar onder ergens in de nacht,
verloren in een vreemde stilte waar
niets verdertrilt wanneer je dieptes klinken.
Maar alles wat ons aanraakt, jou en mij,
beroert ons samen als een strijkstok die
twee snaren tot één melodie gebiedt.
Op wat voor instrument zijn wij gestemd?
En welke hand heeft ons omklemd?
O teder lied.

Rainer Maria Rilke, 'Liefdes-lied'
In 1997 uit het Duits vertaald door Menno Wigman.

Rainer Maria Rilke https://nl.wikipedia.org/wiki/Rainer_Maria_Rilke

Menno Wigmanhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Menno_Wigman

 

20-12-2025

Aldus de schrijver

 

 

“Ik herinner mij, in een willekeurige volgorde:

– de glimmende binnenkant van een pols;
– stoom die opstijgt uit een natte gootsteen als er lachend een hete koekenpan in wordt gekieperd;
– spermaklodders die rond een afvoerputje cirkelen om vervolgens een heel huis door te worden gespoeld;
– een rivier die op een absurde manier terugstroomt, haar schuimende golven beschenen door een zestal elkaar achtervolgende zaklantaarns;
– nog een rivier, breed en grijs, haar stroomrichting verhuld door een straffe wind die het oppervlak beroert;
– badwater, allang afgekoeld achter een afgesloten deur.
Dat laatste is niet iets wat ik werkelijk heb gezien, maar wat je je uiteindelijk herinnert, is niet altijd hetzelfde als wat je hebt meegemaakt.”


Uit: Julian Barnes, Alsof het voorbij is. Uit het Engels vertaald door Ronald Vlek. Uitgeverij Atlas Contact, Amsterdam 2020.

Julian Barneshttps://nl.wikipedia.org/wiki/Julian_Barnes

Ronald Vlekhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Julian_Barnes

16-12-2025

Yves Bonnefoy, 'Een steen'

 

 

Een steen
 
Het gras gaf kleur aan de schaduwen 
Voor ons op het pad, die nu
Terugkaatsten tegen stenen.
 
En schaduwen van vogels raakten ze even,
Roepend, of draalden waar onze voorhoofden
Naar elkaar negen, elkaar bijna raakten
Om woorden die we wilden zeggen.

Uit: Yves Bonnefoy, De gebogen planken. Vertaald uit het Frans door Kiki Coumans. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk 2016

Yves Bonnefoyhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Yves_Bonnefoy


Kiki Coumanshttps://nl.wikipedia.org/wiki/Kiki_Coumans


13-12-2025

Aldus de schrijver

 

 “Een gelukkig man heeft geen verleden, terwijl een ongelukkig man niets anders heeft. Op zijn oude dag wist Dorrigo Evans nooit of hij dat nou had gelezen of het zelf had verzonnen. Had verzonnen, door elkaar gehaald en uit elkaar gehaald. Meedogenloos uit elkaar gehaald. Steen tot kiezel tot stof tot modder tot steen en zo draait de wereld door, zoals zijn moeder altijd zei wanneer hij redenen of een verklaring wilde hebben voor hoe de wereld zus of zo werd. De wereld is er, zei ze. Hij is er alleen maar, jongen. Hij had geprobeerd de steen los te wrikken uit een aardlaag om een fort te bouwen voor een spelletje dat hij aan het doen was, toen een andere, grotere steen op zijn duim viel zodat er een grote kloppende bloedblaar onder zijn nagel kwam.”


Uit: Richard Flanagan, De smalle weg naar het verre noorden. Uit het Engels vertaald door Ankie Blommesteijn. Uitgeverij Koppernik, Amsterdam 2025
 

Richard Flanaganhttps://en.wikipedia.org/wiki/Richard_Flanagan  

Ankie Blommesteijnhttps://vertaalverhaal.nl/wp-content/uploads/2020/10/Het-palindroom-en-de-vondst-Ankie-Blommesteijn.pdf

09-12-2025

Lêdo Ido, 'De krab'

 De krab


Net zoals een krab
kruipt door de slikken
zo baan ik mijn weg
door de dag der mensen.

Ik ga door het slijk
van nacht en dromen,
en ik tors mijn zwarte
moerland met mij mee.

Ik ben waar de larve
en de luchtbel zijn,
de gifbol en het gas.

In het bedorven water
waarin God zich schuilhoudt
verberg ik mij ook.

 

Uit: Lêdo Ivo, Vleermuizen en blauwe krabben. Vertaald uit het Portugees door August Willemsen. Uitgeverij Wagner & Van Santen, Sliedrecht 2000

Lêdo Ivohttps://en.wikipedia.org/wiki/Lêdo_Ivo

August Willemsenhttps://nl.wikipedia.org/wiki/August_Willemsen

 

06-12-2025

De eerste alinea

 

 

“Niet ik, heren van de rechtbank, maar een dode spreekt door mijn mond. Niet ik sta hier, het is niet mijn arm die omhooggaat, niet mijn haar dat wit geworden is, niet mijn daad, niet mijn daad.”

Uit: Peter Flamm, Ik? Vertaald uit het Duits door W. Hansen. De Bezige Bij, Amsterdam 2024

Peter Flamm: https://www.debezigebij.nl/auteur/peter-flamm/

W. Hansen: https://www.debezigebij.nl/auteur/peter-flamm/

04-12-2025

Uit 'Parkscènes'

 

 

De dag doorbrengen zonder terug te keren
naar die van gisteren. Zijn weg zoeken naar
wat voor hem ligt. Dromen van onbetreden
paden, staande op een bank vol verlangen
de verte afstaren tot ver achter de horizon.

*

Ineengezakt wacht hij op een bank het einde
van de middag af. Alsof zijn hersenen plots
tegen de schedelrand schuren, zijn ogen
in een ogenblik van schrik naar binnen
slaan, en zien hoe het daar ontregeld is.

 frb

Uit: Parkscènes. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk, december 2025
 

Ter gelegenheid van Budé's tachtigste verjaardag verscheen bij Vleugels Parkscènes waarin de dichter  zich verplaatst in het dagelijkse leven van een dakloze. In 240 poëtische observaties van telkens vijf regels weet hij vanuit een groot inlevingsvermogen het voortdurend veranderende leven van een ontheemde vast te leggen.

https://www.uitgeverijvleugels.nl/andere-uitgaven/525-frans-bude-parkscenes

https://neerlandistiek.nl/2025/12/frans-bude-parkscenes/ 

30-11-2025

Aldus de schrijver

 

 

“In tegenstelling tot een echte gevangenis bood het huis aan twee kanten uitzicht, op het oosten en op het westen. Langs de westkant liep het balkon, daar keek je uit op het parkje beneden en op de negen verdiepingen hoge huurkazernes verderop. Aan die kant bevonden zich ook de ruime, vierkante woonkamer en de lange, smalle keuken. Aan de oostkant lagen de slaapkamers, daar keek je uit op de smalle weg die door ons gebouw, alsof het als kurk fungeerde, werd afgesloten. ’s Ochtends viel de zon hier genadeloos naar binnen, zodat je de rolluiken volledig moest laten zakken wilde je je kamer donker houden.
Tijdens mijn gevangenschap bracht ik heel wat uren met dit tweede uitzicht door: ik stond voor mijn slaapkamerraam te roken of zat er aan een dagboek te werken, een eerste poging om verslag uit te brengen over die pijnlijke, statische dagen. Dagen die desondanks, heel langzaam, steeds lichter werden.
Van seizoen tot seizoen had ik in deze maanden de balkons van de buren steeds groener zien worden. Ook de twee grote paardenkastanjes in de straat konden elk moment gaan bloeien. Nog even en het was lente: de bomen stuurden hun takken opgewonden de lucht in.”

Uit: Davide Coppo, De verkeerde afslag. Uit het Italiaans vertaald door Hilda Schraa. Atlas Contact, Amsterdam 2025

Davide Coppohttps://www.atlascontact.nl/auteur/davide-coppo/

Hilda Schraahttps://www.hildaschraa.nl/