“‘Heb je het niet koud?’
Marie-Laure Cresson had zich vragend tot haar echtgenoot gewend. Begenadigd met een knap gezicht, met mauvekleurige, sprekende ogen, een ietwat aanstellerige mond en een prachtige neus, had ze velen verleid voordat ze, nogal overhaast trouwens, in het huwelijk was getreden met die robuuste, gezonde jongeman, Ludovic Cresson genaamd, een beetje een playboy, een beetje onnozel, om wie de meisjes uit het zestiende arrondissement destijds met elkaar vochten vanwege zijn rijkdom en zijn opgewekte humeur. Hoewel Ludovic Cresson een notoire vrouwengek was, zou hij een trouwe echtgenoot zijn, dat was duidelijk. Helaas waren al zijn kwaliteiten, behalve zijn geld, in de ogen van Marie-Laure ook bijna allemaal gebreken.”
Uit: Françoise Sagan, De hoeken van het hart. Vertaald uit het Frans door Saskia Taggenbrock en Martine Woudt. Meulenhoff Boekerij, Amsterdam 2020
Françoise Sagan: https://nl.wikipedia.org/wiki/Françoise_Sagan
07-03-2026
Aldus de schrijver
04-03-2026
Lied en muurgedicht 'Holleweg' in Bergen op Zoom
Holleweg
Een huis stijgt uit de verte op,
witte schoorsteen achter geboomte.
Oostwaarts een langzame draai.
Zijn wij het die daar staan, zwaaiend
naar elkaar, weids, nabij? De wind jaagt
langs de wegen, roept ons aan het raam.
Het stratenplan van de verbeelding
brengt verhalen, een lichtbanier
ontplooit zich boven stad en maan.
frb
Cello: Myriame van Genuchten
Gitaar en zang: Jan Verswijveren
Audio: Accent Audio
Rutger Verberkmoes
Productie: Peter Roek, 2025
02-03-2026
Ingeborg Bachmann, 'Grenzen'
Grenzen
Ontsteek je lichten
en grote vuren
met verre schijnsels
zonder einde,
Gooi je flakkerende fakkels
in sluiers van rook,
strooi je uit ogen en hart
wat je bezit,
Steeds is het slechts een poging,
een tastende weg,
steeds slechts jouw beeld
van het licht dat je in je draagt.
Uit: Ingeborg Bachmann, Tijd in Onderpand. Vertaald uit het Duits door Paul Beers tezamen met Isolde Quadflieg. Uitgeverij Amber, Amsterdam 1988
Ingeborg Bachmann: https://nl.wikipedia.org/wiki/Ingeborg_Bachmann
Paul Beers: https://nl.wikipedia.org/wiki/Paul_Beers
Isolde Quadflieg: https://vertaalverhaal.nl/tags/isolde-quadflieg/
28-02-2026
Aldus de schrijver
“Ik was op die halfslachtige overgangsleeftijd – dertien jaar – waarop een jongen nog steeds kinderdingen doet, maar ook zijn eerste volwassen dingen begint te doen. Ik keek nog steeds één keer per week, op zaterdagochtend, naar tekenfilms op tv, maar was wel sinds kort, eveneens één keer per week, begonnen mijn snor te scheren. En ik vroeg mijn moeder nog steeds om me af te zetten en op te pikken bij de bioscoop als ik met vrienden naar de film ging, maar ik deed wel al een beetje eau de cologne en deodorant op voor ik de deur uit ging. En ik verzamelde en ruilde nog steeds honkbalplaatjes, maar in dezelfde lade bewaarde ik een paar pornoblaadjes die me hielpen bij mijn eerste, onhandige masturbaties.
Maar ik herinner me ook dat ik op die leeftijd, uit principe of uit pure rebellie (waarschijnlijk een beetje van allebei), nee begon te zeggen tegen de dingen die mijn ouders me opdroegen.”
Uit: Eduardo Halfon, Tarantula. Vertaald uit het Spaans door Marijke Arijs. Uitgeverij Koppernik, Amsterdam 2024
Eduardo Halfon: https://www.koppernik.nl/auteurs/eduardo-halfon/
Marijke Arijs: https://www.koppernik.nl/vertalers/marijke-arijs/
25-02-2026
Gedicht 'Vroege lente'
Vroege lente
In elke stille lente vliegt wel eens een vogel
tegen een dichtgeklapt raam. Ik zoek de merel
verloren in het takgewas, raap het uit de lucht
gevallen verengoed. Vanwaar die schrik?
De bloesems sterven snel dit jaar, de mol graaft
in de verkeerde hoek de ingeslapen wormen weg.
Te vroeg dit voorjaar dat ik naar buiten ga,
de tuin ligt onder sluimerzaad. Een beetje schraal
klimt daar een stengel uit, hij breekt het dorre
van de straat, vangt het licht dat
als een vreemde komt – dun de schaduw
aan het raam dat langzaam weer opengaat.
frb
Uit: Hetzelfde anders. 21 dichters en de lente. Atalanta Pers, Baarn 1997
24-02-2026
Aldus de schrijver
“De dag dat ik zeven jaar werd, op 14 april 1873, trok mijn moeder, Molly Walsh, me mijn zondagse kleren aan en nam me mee naar Union Square om een foto van me te laten maken, de enige die bestaat uit mijn kindertijd. Ik sta naast een harp, met het verbijsterde gezicht van een gehangene omdat ik minutenlang mijn adem in had moeten houden voor een zwarte kist en ik was geschrokken van de steekvlam die de lamp had veroorzaakt. Het geval wil dat ik geen enkel instrument kan bespelen, de harp was een van de stoffige toneelaccessoires van de studio, samen met zuilen van papier-maché, Chinese vazen en een opgezet paard.
De fotograaf was een besnord mannetje van Hollandse afkomst, die sinds de periode van de goudkoorts van zijn beroep had kunnen bestaan. In die tijd lieten de mijnwerkers, die van de bergen naar beneden kwamen om hun goudklompjes in bewaring te geven aan de banken van San Francisco, een foto maken om naar hun bijna vergeten familie te sturen. Toen er van het goud niet meer over was dan de herinnering, bestond de clientèle van de studio uit deftige mensen die poseerden voor de eeuwigheid. Wij behoorden niet tot die categorie, maar mijn moeder had zo haar eigen redenen om een foto van haar dochter te laten maken. Uit principe, meer dan uit noodzaak, steggelde ze met de kunstenaar over de prijs. Voor zover ik weet heeft ze nooit iets gekocht zonder zichzelf het genoegen te gunnen korting te vragen.”
Uit: Isabel Allende, Mijn naam is Emilia del Valle. Vertaald uit het Spaans door Rikkie Degenaar. Uitgeverij Wereldbibliotheek, Amsterdam 2025
Isabel Allende: https://nl.wikipedia.org/wiki/Isabel_Allende_(schrijfster)
Rikkie Degenaar: https://literairvertalen.org/vertalersbestand/rikkie_degenaar
21-02-2026
Paul Éluard, 'Hand hart leeuw vogel'
Hand hart leeuw vogel
Hand beheerd door het hart
Hart beheerd door de leeuw
Leeuw beheerd door de vogel
Vogel gewist door een wolk
Leeuw in een roes van de woestijn
Hart bewoond door de dood
Hand gesloten om niets
Geen toevlucht alles ontvalt mij
Ik zie wat verdwijnt
Ik besef dat ik niets bezit
En ik stel me bijna niets voor
Tussen de muren een leegte
En de ballingschap in het duister
De ogen zuiver het hoofd werkeloos
Uit: Paul Éluard, Wereld met ogen van sneeuw. Uit het Frans vertaald door Theo Festen. Athenaeum–Polak & Van Gennep, Amsterdam 1998
Paul Éluard: https://nl.wikipedia.org/wiki/Paul_Éluard
Theo Festen: https://www.poeziecentrumnederland.nl/activiteiten/ontmoet-de-dichter/theo-festen/
17-02-2026
Aldus de schrijver
“Ze had een oud gezicht. Ze was oud. Maar het was het gezicht waar hij van hield. Waar hij tegen wilde praten, dat hij tegen hem wilde horen praten, waarvan de warme, bruine ogen zijn hart verwarmden, waarvan het lachen hem tot lachen verleidde, dat hij in zijn handen wilde nemen om het te kussen, dat hem ontroerde. Ze ontroerde hem. Haar zoektocht naar haar plek in het leven, de geheimzinnigheid waarmee ze haar schrijven omringde, haar hoop op laat succes, haar worsteling met de drank, haar liefde voor kinderen en honden – er lag veel onvervulds, veel onvervulbaars in wat hem ontroerde. Was ontroering een mindere vorm van liefde? Misschien, als ze alles was. Maar voor hem was zij niet alles.
Als hij opstond van dat krukje, kon hij nooit berusten. Hij hield nooit op met wensen dat het anders zou worden. Maar hij was gelaten. Het was nu eenmaal zoals het was. Hij ging naar de woonkamer en ging op de bank zitten.”
Uit: Bernhard Schlink, De kleindochter. Vertaald uit het Duits door Marcel Misset. Uitgeverij Cossee, Amsterdam 2023
Bernhard Schlink: https://nl.wikipedia.org/wiki/Bernhard_Schlink
Marcel Misset: https://www.goethe.de/ins/nl/nl/bib/uak/per.cfm?personId=5022
14-02-2026
Cees Nooteboom, 'Monniksoog'
1
Een moeizame god op de rand van mijn bed,
zes engelen met vermoeide vleugels,
windkracht 10 en tegen de wind in gevlogen
over het wad, storm op zee.
In de nacht zie ik de lichten van de overkant,
kijk naar de engelen die mij lijken te kennen,
mijn deken willen lenen
en eigenlijk ook het bed
waarin ik toch niet kon slapen.
De god lijkt op de kapitein van de veerboot,
de konijnen die ik in het donker zag lopen
waren bang voor de jager, de vuurtoren
viel met zijn licht door de kamer,
maar verder was alles in orde.
2
Op het duinpad kwam ik mijn moeder tegen,
maar zij zag mij niet. Zij praatte tegen een andere
dame, en ik hoorde haar zeggen, iedereen
vindt mij hier aardig.
Dat zij echt was wist ik door het geluid
van het schelpengruis onder haar voeten.
Daarna zag ik ook mijn broer en mijn halfbroer
onderweg met hetzelfde verleden als het mijne,
chaos en onrust. De Noordzee
had wilde koppen,
het strand was verlaten. Mijn broers
waren doorzichtig.
Ik zag het pad door ze heen.
Nu zou ik een schat willen vinden,
een aangespoelde walvistand, of goud,
waardoor alles weer goed kwam.
3
Niet in ieders leven speelt een vuurtoren een rol,
maar wel in het mijne. Vandaag op dit andere eiland
naar de toren gelopen, regen, geschreeuw
van meeuwen. ’s Nachts mocht ik bij de wachter zitten,
die deed of hij nog bestond. Hij schreef het op,
een schip om de Noord, de windkracht. En ik zag
in het duister een licht tegen de golven, en dichterbij
wat hij schreef in een handschrift van vroeger.
Allang dood, hij. Alle zeeën bevaren,
alle havens gezien,
Archangel, Valparaíso, het gedicht van de scheepsarts.
Vier op, vier af, een nacht op de toren,
brik om de Noord,
stilte, roken, schrijven, stilte, het licht over het duin,
de toren nu zonder een mens.
Uit: Cees Nooteboom, Monniksoog. Uitgeverij Karaat, Amsterdam 2016
Cees Nooteboom (1933) overleed op 11 februari 2026 op zijn geliefde Spaanse eiland Menorca.
https://nl.wikipedia.org/wiki/Cees_Nooteboom
12-02-2026
I.M. Cees Nooteboom (1933-2026)
I.M. Cees Nooteboom (1933-2026)
Jouw eiland een glazen stolp in het middaglicht
met opgeslagen herinnering. Niet langer meer
dwalen je voetstappen zoekend om de palmen
en cactussen rond je huis. Aarzelende stilte,
geen pen meer in beweging om in taal vast te leggen
wat verloren dreigt te gaan. Jij kende wereldwijd
de wegen als aders op oude kaarten. De zee rond
Menorca en ver daarbuiten zal jouw naam blijven
aandragen, telkens weer vastleggen in het zand.
En de wind zal vandaag een stem krijgen, met diep
verdriet woorden spreken in de taal die jij verliet.
frb
Cees Nooteboom stierf op woensdag 11 februari 2026 op zijn geliefde Spaanse eiland Menorca.
https://nl.wikipedia.org/wiki/Cees_Nooteboom
10-02-2026
Sylvia Plath: 'Schapen in de mist'
Schapen in de mist
De heuvels stappen weg, het wit in.
Mensen of sterren
Bezien me treurig, ik stel ze teleur.
De trein laat een streep adem na.
O traag
Roestkleurig paard,
Hoeven, smartelijk gelui –
De hele ochtend
Is de ochtend zwarter geworden,
Een bloem in de kou.
Mijn botten zijn vol stilte, de verre
Velden smelten mijn hart.
Ze dreigen
Mij de ingang naar een hemel
Sterrenloos, vaderloos, een donker water.
Uit: Sylvia Plath, Ariel. Vertaald uit het Engels door Anneke Brassinga. De Bezige Bij, Amsterdam 2022
Sylvia Plath: https://nl.wikipedia.org/wiki/Sylvia_Plath
Anneke Brassinga: https://nl.wikipedia.org/wiki/Anneke_Brassinga
07-02-2026
Aldus de schrijver
“Hij trok zijn knieën op tot zijn buik en hield zijn ogen open. Alles om hem heen was donker. De regen en de nacht hadden het bos uitgewist, en de novemberkou die aan zijn gezicht likte leek nog ijziger dan eerst. Het bed van naalden was modderig geworden. Om hem heen steeg een greppelgeur op. Hij rilde tot het eerste ochtendlicht, en toen de dag eindelijk verscheen, was het een kreupele, ellendige dag.
Hij kroop uit de kuil. Met moeite stond hij op, zette een paar onzekere stappen. Het was alsof hij opnieuw moest leren lopen. Een melkachtig licht weekte de bomen een voor een los uit de duisternis. Door de nevel kreeg hij bij vlagen de indruk dat ze op hem afkwamen, als reusachtige beelden, rijdend op hun sokkel. In de lucht krabden de kraaien aan de buiken van de wolken. Hij probeerde de panden van zijn jas uit te wringen, maar zijn vingers waren te verkleumd, ze waren krachteloos. Hij verliet de den zoals je een vriend verlaat die je opeens koud laat, die niets meer voor je kan doen.”
Uit: Philippe Claudel, Een Duitse fantasie. Vertaald uit het Frans door Manik Sarkar. De Bezige Bij, Amsterdam 2021
Philip Claudel: https://nl.wikipedia.org/wiki/Philippe_Claudel
Manik Sarkar: https://nl.wikipedia.org/wiki/Manik_Sarkar_(schrijver)
05-02-2026
Aleksandr Blok, gedicht zonder titel
Nacht, straten, apotheek, lantaren,
Een zinloos schijnsel in de mist.
Al leef je nog eens twintig jaren –
Geen uitweg – alles is beslist.
Je sterft en wordt opnieuw geboren,
Alles herhaalt zich vroeg of laat:
Rimpels in het kanaal bevroren,
Nacht, apotheek lantaren, straat.
Aleksandr Blok
Uit: Van Derzjavin tot Nabokov, Russische poëzie uit drie eeuwen. Vertaald door Marja Wiebes en Margriet Berg. Uitgeverij Plantage/G&S, Leiden 1991
Aleksandr Blok: https://nl.wikipedia.org/wiki/Aleksandr_Blok
03-02-2026
De eerste alinea
“Toen ik twaalf jaar was werd ik levend begraven op een bouwplaats.”
Uit: John Boyne, Vuur. Vertaald uit het Engels door Anke Frerichs. Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2024
John Boyne: https://nl.wikipedia.org/wiki/John_Boyne
Anke Frerichs: ttps://www.goethe.de/ins/nl/en/bib/uak/per.cfm?personId=6657
31-01-2026
Sytse Jansma, 'dat dit...'
dat dit tot de mogelijkheden behoorde,
konden we weten toen we aan elkaar begonnen,
zonder enige moeite wonderden we het dagelijkse
omhoog, verwarmden we de smoor in onze hoofden,
wat er toen gebeurde: duizend rode draden
als warme lenteregens, drenkten de grond
achter je ogen en toen werd je meegenomen,
zo is het gegaan, zachter dan dit kan ik niet
Sytse Jansma
Uit: Sytse Jansma, Rozige maanvissen. Atlas Contact, Amsterdam 2024
Sytse Jansma: https://nl.wikipedia.org/wiki/Sytse_Jansma
27-01-2026
Aldus de schrijver
“Het gras, het grind, het hek, het asfalt. Het gras,
het grind, het hek, het asfalt.
Het heeft nog niet gesneeuwd.
Ik heb mijn nachtpon aan.
Ik moet gewoon uit het raam staren, ik moet
hier gewoon blijven staan tot ze komt.
Het gras, het grind, het hek, het asfalt.
Ik moet blijven staan, niet knipperen. Ik heb
het koud.”
Ingvild H. Rishøi
Uit: Het verhaal over mevrouw Berg. Novellen. Vertaald uit het Noors door Liesbeth Huijer. Uitgeverij Koppernik, Amsterdam 2025
Ingvild H. Rishøi: https://en.wikipedia.org/wiki/Ingvild_H._Rishøi
Liesbeth Huijer: https://www.liesbethhuijer.nl/over.html
24-01-2026
Lieke Marsman, 'Universele esthetiek'
Universele esthetiek
Steeds vaker schrik ik in de tram van mijn wekker
die afgaat op iemand anders’ mobieltje,
terwijl mijn eigenzinnigheid met mij meereist
in mijn linnen tasje, massaproduct voor een eenling.
Wat is universeel esthetiek eigenlijk méér
dan de meest succesvolle marketingcampagne?
De samenleving een lange, eensgezinde
polonaise die enkel tot halt komt
in de plaatselijke winkelstraat,
omdat men daar teveel slentert.
Nee, dan het sublieme. Dat magische mooie
dat steeds tussen je vingers vandaan glipt
en waar een beetje geesteswetenschapper
een hele carrière op kan bouwen.
Wat als het ongrijpbaar is omdat het niet bestaat?
Wat als er tussen de regels door
alleen een peilloze leegte ligt, een stilte
waarin ik probeerde een gedachte te formuleren
die dadelijk wordt volgeplempt
met hermeneutische tekstverklaring?
Uit: Lieke Marsman, In mijn mand. Uitgeverij Pluim, Amsterdam|Antwerpen 2021
Lieke Marsman: https://nl.wikipedia.org/wiki/Lieke_Marsman
20-01-2026
Federico García Lorca, 'Klaaglied'
Klaaglied
Als een wierookvat vol verlangen
loop jij door de klaarlichte avond
met het donkere lijf van de verschaalde nardus
en een brandende begeerte in je blik.
In je mond draag je de melancholie
van dode reinheid, en in de dionysische
kelk van je buik de spin
die de steriele sluier weeft om jouw schoot
waaraan de rozen des levens,
vrucht van de kussen, nooit ontloken.
In je witte handen
draag je de streng van je voor immer
gestorven illusies, en op je hart
de hongerige passie van hete kussen
en jouw moederliefde die wegdroomt
naar wiegjes in rustige sferen
waar lippen blauwe sprookjes spinnen.
Federico García Lorca, december 1918
Vertaald uit het Spaans door Robert Lemm. Opgenomen in 'De tweede Ronde', tijdschrift voor literatuur, herfst 1986
Federico García Lorca: https://nl.wikipedia.org/wiki/Federico_García_Lorca
Robert Lemm: https://nl.wikipedia.org/wiki/Robert_Lemm
17-01-2026
De eerste alinea
27 maart 2009 – 17:43
"Liefste Johanna,
Vanochtend zei Simon bij zijn eerste, veel te vroege kop koffie dat hij me allang zou hebben verlaten als hij tien jaar jonger was en drie kinderen minder had. Een merel was bij het met nacht beslagen raam gaan zitten en tikte met haar snavel tegen het glas, alsof ze ons wilde waarschuwen en intomen, ons wilde afluisteren om het nieuwtje op deze lenteochtend snel naar haar vogelwereld te brengen, van tak naar tak, van twijg naar twijg, het te verkondigen aan lijsters en vinken die ernaar zouden pikken als naar een worm, hoort, hoort, nieuws uit Körberstraße 12, hoort, hoort!”
Uit: Zsuzsa Bánk, Slapen doen we later. Vertaald uit het Duits door Irene Dirkes en Lucienne Pruijs. Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2020
Zsuzsa Bánk: https://nl.wikipedia.org/wiki/Zsuzsa_Bánk
Irene Dirkes: https://literairvertalen.org/vertalersbestand/irene_dirkes
Lucienne Pruijs: https://literairvertalen.org/vertalersbestand/luciënne_pruijs
13-01-2026
Antonio Machado, 'Als een vergeten straathond'
Als een vergeten straathond
die ronddoolt zonder reukzin, zonder richting,
ja, als een kind dat op een kermisavond
tussen de fonkelende feestverlichting,
de mensenmenigte en de lucht vol stof
ontredderd rondzwerft en, eenmaal verdwaald,
voelt hoe een schaduw van muziek en droefheid
over zijn jonge hart is neergedaald,
zo ga ik voort, melancholiek en dronken,
als dichter, lunatieke gitarist
en arme ziel vol dromen,
die onverpoosd naar God zoekt in de mist.
Uit: Antonio Machado, Gedichten. Uit het Spaans vertaald door Erik Coenen.
Uitgeverij De Wilde Tomaat, Amsterdam 2020
Antonio Machado: https://nl.wikipedia.org/wiki/Antonio_Machado_(dichter)
Erik Coenen: https://www.bruna.nl/boeken/gedichten-9789082995978














