Posts tonen met het label Gedicht eerder gepubliceerd. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Gedicht eerder gepubliceerd. Alle posts tonen

09-05-2026

Gedicht 'Brief uit Latium'

 

 

Brief uit Latium

Het overkomt de ochtendzon,
de boog over de rivier.
Geluk is waar het hoort,
de luchten nooit zo ijl geweest.

Zou dit vertroosting zijn?

De hand van de gids
om niet alleen te zijn,
haar woorden
keren uit de ruimte terug,
scheppen beloftes
voor de schoonheid van het plein.
En dan de oversteek.
Zijwaarts rijzen huizen, schaduw
snijdt een poort die toegang geeft.
Wij zijn gestalten, alles droombaar
maar dit is echt.

Wat nog toe verlangen
als in het middaguur alle ramen sluiten,
in het sluimeren 
de voorstelling nog niet uit,
en wij een zucht achterlaten op het plein,
licht zien vallen als water, 
van alles het innigste,
de stilte voorspeld, de waarheid omhelsd.

Spoedig keren we huiswaarts
over besneeuwde bergen
om oud te worden in het vaderland,

hopelijk niet ten val.

 

  frb

Uit: Bestendig verblijf. Meulenhoff, Amsterdam 2009

02-05-2026

Gedicht 'Nick Reading Moby Dick'

 

Nick Reading Moby Dick

In eender welke tuinstoel, overal ruist het.
Bloemen venten hun kleuren uit, zaaddozen, 
onstuitbaar, staan op springen, voorspellen

de warme regen die nog moet komen. Al lezend
weet je dat de tijd verspringt, hoe slobberend
de wereld, het veld met gras dat voor je ogen
onbewogen doorloopt tot de verte –
alles hangt vast aan draden van was.

Alleen de einder redt zich zelf. Laat je straks
niet omkransen door niets ontziende
wormen, vermaal ze tussen vinger en duim.

Tijgerend op handen en voeten naar je lief
schud je alles van je af. Vier het leven, alle dagen

ontwaken, vlinderend tussen sterren door.

 
 frb


Uit: 'Peyton’s Facebook'. Bonnefantenmuseum, Maastricht 2009

Elizabeth Peytonhttps://en.wikipedia.org/wiki/Elizabeth_Peyton

Afb.: 'Nick Reading Moby Dick', 2003. Olieverf op board. 38,1 x 30,5 cm. Museum of Contemporary Art, LA

25-02-2026

Gedicht 'Vroege lente'

 

 

Vroege lente

In elke stille lente vliegt wel eens een vogel
tegen een dichtgeklapt raam. Ik zoek de merel

verloren in het takgewas, raap het uit de lucht 
gevallen verengoed. Vanwaar die schrik?

De bloesems sterven snel dit jaar, de mol graaft
in de verkeerde hoek de ingeslapen wormen weg.

Te vroeg dit voorjaar dat ik naar buiten ga, 

de tuin ligt onder sluimerzaad. Een beetje schraal

klimt daar een stengel uit, hij breekt het dorre
van de straat, vangt het licht dat

als een vreemde komt – dun de schaduw
aan het raam dat langzaam weer opengaat.


 frb

Uit: Hetzelfde anders. 21 dichters en de lente. Atalanta Pers, Baarn 1997


06-01-2026

Gedicht 'Van verre'

 


Van verre

Tevoorschijn komen verdwaalde trossen,
purperviolet omlijst. Hoe het daarna
geurt, dunne stengels kruipen, slingeren
naar elkaar. Voor wie tegen de avond komt,

tussen plekken gele aarde zich vertreedt,
groeit meteen het raadsel. Wat men nazoekt
in de schemer, de lipbloemige, haar half
kransstandige paarsheid, veelvuldig gedeelde

bladeren, verstuift tegen de morgen.
Het wordt sluipen naar een vogelnest,
begerig de berg opgaan, hoogten naar een bos.
Naar de verste rand in grote laarzen.

Totdat het volstaat, men afstand neemt –
waar ook alweer vandaan? En afdaalt naar

de velden. Met iele witte hoorntjes, haast
doorzichtig, tast een wijngaardslak zijn route af.


 frb
 

Uit: Zoveel nabijheid. Meulenhoff, Amsterdam 2018

04-10-2025

Gedicht bij de geboorte van Olivier Messiaen

 

 

Olivier Messiaen op 10 december 1908
bij zijn geboorte, 20 Boulevard Sixte Isnard, Morières–lès–Avignon

 
Ik krijste harder dan kon, kwam
met blaasjes op mijn lippen,
lachte heimelijk bij wat papa wou:
in het grote, witte huis verdwalen,
als de zon de tuin in zwom
rap verdwijnen met een sprong.
Kuurlie, tuter, kinderkraai,
paapje vloog op putter aan.
In boom met wijd verbreide takken
schudden alle nesten mee. Koeri,
koeri, tjielp, krauw. Klanken 
dansend op de hemel aan, muziek 
welt uit vruchtbare aarde,
vlindert jubelend naar het paradijs.

 frb

Uit de bundel Transit. Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2012

Over Olivier Messiaenhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Olivier_Messiaen

06-09-2025

Gedicht 'Jacques Brel op 8 april 1929'

 

 

Jacques Brel op 8 april 1929 
bij zijn geboorte Avenue du Diamant /
Diamantlaan 138, Schaerbeek / Schaarbeek

Even na de nachtelijke goederentrein
begint mijn reis bij u, naakt en nat zie ik  
de lichtpuntjes in uw ogen, mouky, 
uw schaterlach. U de eerste vrouw die mij
omhelst, en u, petit papa, die almaar niet
kan vergeten de tijd die u in Congo was.
Ik wil u beiden niet tot schande zijn, wel
de vette burgerkliek wier brij in crisisjaren 
op zilveren lepels glom. Schrijven wil ik,
voor volle zalen gietijzeren bloemen doen 
ontvlammen, mijzelf geselen met applaus.
Ongekooide vogel wil ik zijn, zeilen
onder alle zonnen door, dat eenzame uur 
met haar dat ik mijn laatste adem geef.

 frb

Uit: Transit. Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2012

Jacques Brelhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Jacques_Brel

18-06-2025

'Bij het meer van Iseo', een gedicht

 

 

Bij het meer van Iseo

Ritselende blaadjes onder onze voetstappen,
maar volop zomer. Wat geweest is, zal zijn,
zei Pavese, en we zien de roestige knopen
van andere jaren in het hoge, droge gras.

Beneden het meer, het waterdek kijkt ons aan.
Bomen tonen ons hun ingewanden, wonden
van ingeslagen licht, een huid zo zwart
als as. Men ziet ons samen, wij

die nieuwsgierig rondtrekken, muggen van ons 
afslaan, in een vurig verlangen een omtrek 
maken. Onze zintuigen in samenspraak
met zoveel nabijheid, zoveel afstand, en alles

aanwezig, de neerwaartse ronding in de spiraal
van de wijngaardslak, de onzichtbare hand
in het borduursel van de varenplant. Nog is
het pad bedauwd, nog is het geen nacht.

 frb

Uit: Transit. Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2012

13-07-2024

Gedicht 'Paula Modersohn-Becker in Worpswede'

 

 

Paula Modersohn-Becker in Worpswede


We herkennen elkaar, spreken af
aan deze zijde bij elke zucht
door hoge berkenkruinen jouw stem
te horen, je leven doet zich over, straalt  

dat nooit meer afscheid komt geslopen.
Een plots gedraaide wind beroert
de iele bomen, vogels onzinnig
aan het bakkeleien, kakofonie van geluid.

Je omhelst je pasgeboren dochter,
ontfermt je over zoveel nabijheid.
Wat dagen later, in de schaduw van
elkaar, haalt de dood jou bij haar weg.

De dood van gisteren is dezelfde
als die van morgen. Alle lichten uit,
de wind laat zich niet meer horen.

 frb
 

(opgenomen in de bundel Achter het verdwijnpunt, Meulenhoff 2015)

Afb. 'Selbstbildnis am 6. Hochzeitstag, 1906'
 

Op 2 november 1907 beviel Paula Modersohn-Becker na een bevalling van twee dagen van een dochter. Achttien dagen verbleef ze in het kraambed. Bij het opstaan viel ze plotseling dood neer. Oorzaak: een embolie.

Over Paula Modersohn-Becker: https://nl.wikipedia.org/wiki/Paula_Modersohn-Becker



17-10-2023

Gedicht 'Beeldwerk'

 

Beeldwerk

In witte stapeling met het klimmen
opgegaan – de aarde in de hemel.
Een ruis voorbij het licht van buiten

dat over de tuinen valt als eindelijk
de mensen zwijgen – de laatste uren van
de dag. Het is de vorm, het beeld, bezig

naar ons te reiken boven alle hoofden uit
als al wat voelbaar wordt, is opgedaagd
in de steile curve van een flits.


*
 

Beweging waarin hij zich ontdekt –
boven alle stiltes uit die ene plek
die hij verheft, ieder oogwenk

daar voltooit. Niet te stuiten golven,
stapelingen strak en hoog, in stromen
opgedreven, werpt het beeld zijn eerste

schaduw naar alle kanten uit. Daarmee
ook wij langzaam samenvallen, waar men
ook staat of kijkt, met het dringen van de tijd.

 frb

Twee gedichten uit een reeks van zestien, opgenomen in Piet Killaars, beelden. Uitgave van Piet Killaars, Maastricht 1993.

Foto: ‘Schroefbeweging', 1975-1976. Polyester. 400x300x300 cm. Schuttersweg Hilversum

Over beeldhouwer Piet Killaars: https://nl.wikipedia.org/wiki/Piet_Killaars

 

 

16-09-2023

Gedicht 'Le bœuf écorché' (De geslachte os)

 

Le bœuf écorché

Gisteren nog in de stal, vanochtend geslacht, met kracht gespietst,
gesneden, gekliefd, in al zijn volheid opengelegd. Het karkas
geopend, stroken vlees met een woelige streek zichtbaar gemaakt
in alle schakeringen, goudkleurige pailletten en toefjes avondrood.

Niet langer meer een ademtocht of hartslag, alleen bij wie zorgvuldig
gadeslaat, de intense kleurvelden vergelijkt, nectargeel ontdekt,
zacht lillend roze in vluchtige slingerlijnen, zinderende lappen en
blootgelegde groeven met grote spankracht op hem af ziet komen.

Met een gevoel van onbehagen bij de os binnenkijken, de blik laten
dwalen over bloederige texturen vlees, schaamte ontwaren bij
een dier dat niet gekend. En ontdekken hoe een voorbij leven
in alle kleuren rood zich uitvouwt, schaduwloos zich blootgeeft.

 frb

Uit: Het schikken van de dingen. Zestien Soutines. Bibliofiele Uitgeverij Druksel, Gent 2020

 

Beneden een citaat van Janneke Wesseling in haar recensie in de NRC van 12 september 2023 over het werk van beeldend kunstenaar Chaïm Soutine. Een tentoonstelling van zijn werken (Gegen den Strom, door de recensent gewaardeerd met *****) is te zien t/m 14 januari 2014 in Kunstsammlung Nordrhein-Westfalen in Düsseldorf:
 

“Het bekendst zijn de schilderijen van een geslachte os, waartoe de opgehangen os van Rembrandt de bron van inspiratie was. De enige reis die Soutine vanuit Frankrijk ondernam, was naar het Rijksmuseum in Amsterdam om dit werk (later toegeschreven aan Carel Fabritius) te zien. Op het atelier van Soutine hing dagenlang een karkas. Toen het begon te rotten en zwart werd, haalde hij bij de slager vers bloed en gooide het over het dier zodat hij verder kon schilderen. Het gestroopte rund uit 1925 is zijn grootste schilderij (202 x 114 cm). Het opgehangen rund bedekt, tegen een donkerblauwe achtergrond, het hele doek. Vlees is hier verf geworden.”

Chaïm Soutine: https://nl.wikipedia.org/wiki/Chaïm_Soutine


https://www.kunstsammlung.de/de/exhibitions/chaim-soutine

 

18-07-2023

Gedicht uit de reeks 'Waakzaam schuilend'

 

Waakzaam schuilend 4



Na een nooit geziene vogel

de huivering als hij ons alleen laat


Was zijn lied wel echt? vraag jij

Zijn vlucht geen teken? Einde-


loos rondom het doffe sprokkelhout

de lege manden, de holle wind daarop


En ’s avonds in de koude keuken:

de donkere tafel, daar mijn handen op


De kans dat ik versta, nog eerder

straks verdwijn, mij haastend


langs de hagen van je tuin



 frb


Uit de dichtbundel De onderwaterwind. 

Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 1991



13-05-2023

Gedicht 'Verval'

 

Verval


Ik kijk naar het dak achter ons, een kapot tuimelraam

dat lucht en regen vrij binnenlaat, en denk mij in

hoe in dat kale, lege huis de houten vloeren kraken,


het wapperende gordijn niet ophoudt om signalen 

af te geven. Zoals in het grijze halfdonker zonder

enige weeklacht een rieten koffer vereenzaamd staat  

te wachten, steeds langer nu de dagen maar duren,


het raam stand houdt onder steeds andere windstoten,

en geuren van kelder en zolder triomferend door lege 

kamers dwalen. Ik kijk naar het huis en weet:

 

de schijf in de meterkast staat stil, onbeschrijflijk stil.


  frb


Uit de bundel Zoveel nabijheid. Uitgeverij Meulenhoff, 

Amsterdam 2018


  frb


Uit de bundel Zoveel nabijheid. Uitgeverij Meulenhoff, 

Amsterdam 2018


20-11-2021

Ger Lataster, 'Figuren met gewonde boom'

 

 

Figuren met gewonde boom

De storm keert terug vandaag, men weet niet
onder welke hoek hij aan de takken zaagt,

niet hoe ver zijn echo draagt. Het water
sijpelt dunnetjes langs de rillen in de bast

nu hij met zijn vleugels slaat. Ach mijn lief,
over welk pad in de regen jij zolang al

onderweg in het zwaar omfloerste licht.
Duister besluipt het geboomte, spreidt

zijn aardse avondgeuren onder het gebinte
van de nacht. Jij huiswaarts richt je op de verte

die aarzelend naderbij komt, langzaam
het bos omarmt, en weer verdwijnt.

 frb

 

Uit: Westenwind. Galerie Post en García, Maastricht 2008
Afb.: Ger Lataster, 'Figuren met gewonde boom'
Over Ger Lataster: https://nl.wikipedia.org/wiki/Ger_Lataster
 

03-07-2021

'Blinde vrouw'

 

Blinde vrouw

Wankelend in een duisternis die mij omknelt, weet ik
dat het licht in mijn ogen nooit terug zal keren.
Ik tast de aarde af onder mijn voeten, zoek steun bij
mijn dunne stok die zich naar de hemel richt, voel

de poriën onder mijn zolen, de scherpte van het zand.
Geschuifel van slangen hoor ik op mijn weg, ongedierte
dat zich een weg baant, stof dat opwaait uit verschroeid
gras. Alsof ik inga tot het niets, zo wacht ik hier,

zie niet hoe de tijd de avond vangt, wolken kringelen
om de maan, hem liefdevol behoeden voor een val.
Men zegt mij hoe snel de jongens groeien, voorgoed
onzichtbaar blijven zonder te weten waarom.

 frb

Uit: Chrit Rousseau Frans Budé, Thuiskomen. Een inspiratie over en weer.
 

Verschenen bij gelegenheid van de tentoonstelling van beeldend kunstenaar Chrit Rousseau ‘Thuiskomen’ in Museum aan het Vrijthof te Maastricht, zomer 2016.
Over Chrit Rousseau: https://pascalebruinen.com/2017/06/drijfveren-interview-met-kunstschilder-chrit-rousseau/

19-05-2021

Gedicht bij schilderij van Aristarch Lentoelov, 1917

 

Anapa. Vrouwen met vruchten

De zondag heeft hen bijeen gebracht, de bomen
hebben hun best gedaan, geur van fruit kleurt
de gaarden. Waarom die ingetogenheid, waarom
zo rustig afgewacht? Tast toe, prijs de dag

voordat er vliegjes komen, verwarring jullie
overvalt. Haal uit naar de mannen die dadelijk

gnuivend binnenvallen, hun lied een wirwar
van woorden met wodka doordrenkt.
Scherp alvast jullie tong, droom je een toekomst

voordat de huid van appels en peren zijn glans
verliest, die ene opwellende bloem op jullie
zomerjurk verbleekt in aanstormend herfstlicht.

 frb
 

Uit: Achter het verdwijnpunt. Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2015. Eerder verschenen in Reis door Rusland naar aanleiding van de tentoonstelling ‘De grote verandering. Revoluties in de Russische schilderkunst 1895-1917 in het Bonnefantenmuseum 2013.

Afbeelding: Aristarch Lentoelov, 'Vrouwen met vruchten', 1917. Olieverf op doek, 141,7 x 160,5 cm


Over
Lentoelov: https://nl.wikipedia.org/wiki/Aristarch_Lentoelov



24-09-2020

'Een dag op Bora Bora'

 


Een dag op Bora Bora


Het zwart in de lucht verplaatst zich

naar de zijlijn, eerder dan ooit gaat

de verandadeur open, treedt verleidelijk

het eerste uur van de ochtend binnen, naakt

als een belofte, de andere volgen, zwermen uit. 

Waar we ook gaan, we dwalen door geuren, 


totdat ze in verre hoeken onder onooglijke muren

vergaan als altijd. Ver van de lagune wolken 


in zware trossen, mannen op vermoeide benen,

schommelende vleugelboten, dicht bijeen.


 

frb


Uit: Bestendig verblijf. Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2010



28-07-2020

'Zwart trouwkostuum'


Zwart trouwkostuum

In een van de zijzakken droge, bleke sprieten
van ooit samen in het gras, een zwarte knoop
eeuwig in reserve, krulletjes pijptabak,
versneden in dagen die ik niet ken.
Ik weet niets van hun eerste nachten, van blinde
gehoorzaamheid, wellust of compassie,
zachte brandewijn of pijn. Ik zie de precisie
van het snijwerk, het gelikte van de pochet,
het haast volmaakte van een mager mannenlijf,
nooit eens een vloek, een zucht uit volle borst.
Alle dagen telden, alle nieuws bracht schrik.

 frb


Eerder verschenen in een serie over 'dinggedichten' in De Gids, jrg. 172, 2009, nr. 2

27-10-2019

'Stilleven met donker wordende appels'



Zo onherroepelijk de appel zijn kleur,
zijn vorm afstaat. Het wordt, het is,
weer maanden later, valfruit
bij dezelfde boom vandaan, een appel
eenzaam in de velden van verderf,
dood zuigt zich naar binnen, ontneemt
de tijd zijn schittering. Zonder tegenklank,
zoals de aarde soms, krimpt de appel,
houdt nog even vast aan een zwart,
langzaam tevoorschijn, nauwelijks,
en toch – hij glanst.

 frb 



Eerder gepubliceerd in Bestendig verblijf. Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2009        
Helene Schjerfbeck, Stilleven met donker wordende appels, 1944, olieverf